|
Hoe ik in Istanbul misleid werd door een beroepsdief.Reeds sinds 10
jaar maak ik fietsreizen door gans Europa, doorkruiste op die manier 24 landen
en nooit had ik één nare ervaring ... tot de laatste dag van m’n fietsreis
in 2000. Na 35 dagen en meer dan 4500 km fietsen
bereikte ik op donderdag 27 augustus de Turkse stad Istanbul. En je merkt het onmiddellijk : het is een wereldstad !
Er heerst ogenschijnlijk een chaos van jewelste, de stad telt dan ook
meer dan 12 miljoen inwoners. Dankzij m’n reisgids (over Istanbul) vind ik spoedig een pensionnetje in het
hartje van Istanbul. Op
donderdagnamiddag installeer ik me in m’n kamer, neem uitgebreid een douche en
leer twee Zwitserse en twee Nederlands fietsers kennen, die ook in het pension
logeren. M’n eerste volle dag (en
tegelijk ook de laatste ...) start ik te
voet in het centrum van Istanbul. Ik
bezoek de Blauwe Moskee en de Hagia Sofia, wandel door een park naar het Topkapi
en kom via de stadsmuren en een mooie wijk met houten huizen weer tot bij het
pension. In de namiddag ligt het in m’n
bedoeling wat verder gelegen zaken te bezoeken.
Ik neem een rugzakje mee met de aller noodzakelijkste spullen en vertrek
op de fiets richting Galata-toren. Uiteindelijk vraagt hij me verontschuldigend of ik niet iets wil drinken. Ik zeg dat ik als fietser alles bij me heb en dat ik eigenlijk niets nodig heb. Hij zegt iets in de zin van : “je neemt toch wel een biertje van me aan ?” En ik repliceer : “normaal drink ik heel weinig bier en als ik al eens een biertje drink op vakanties, is het op een rustig moment in de avond ...” Maar hij staat al op en zegt : ‘Blijf rustig zitten ik haal even wat in een kiosk aan de overkant van de straat’. Terwijl hij weg gaat, overdenk ik de situatie, onderzoekend, maar zonder argwaan. Ik neem nieuwsgierig z’n ‘Lonely Planet’ ter hand en vind hier en daar notities in het Arabische schrift. Een naam staat niet in het boek, en evenmin een stempel van een of andere boekhandel. Ik doe eveneens m’n heuptasje uit, dat zit wat comfortabeler en ik bedenk dat ik op die manier maar twee zaken in de gaten moet houden, m’n fiets en m’n rugzakje. Op het moment dat hij terugkomt heeft hij een plastic zakje in de hand met daarin vier blikjes bier (van 0.5 liter, de gebruikelijke inhoudsmaat in die landen). Ik zeg hem onmiddellijk dat dit veel te veel is en dat hij dat eigenlijk niet hoefde te doen. Hij zet de blikjes bier tussen ons in en we openen er elk eentje. (Nu kan ik me niet zo goed meer herinneren of ik het blikje zelf uit de tas nam of niet ...) Kort daarop, terwijl we aan het praten zijn, zegt hij tussendoor : “Tiens had jij daarstraks niet een heuptasje om”. Ik zeg hem, eigenlijk verbaasd om de vraag (maar misschien is hij enkel bezorgd ?), dat ik het uitdeed en dat het nu in m’n rugzak zit. En vervolgens praten we zo nog een halfuur verder, met het gesprek én met het bier was volgens mij niets aan de hand ... Hij heeft me onder andere gevraagd of we straks niet samen iets kunnen gaan eten, maar dat heb ik afgewezen, zeggend dat ik al een afspraak had met twee fietsers uit het hotel. (wat eigenlijk nog niet vaststond, maar ik wou gewoon niet zo ver gaan) |